">

Klaverjassen

Klaverjassen is een kaartspel dat gespeeld wordt door vier personen in twee paren. De twee tegenover elkaar zittende personen vormen een team. Het gaat dus om twee tegen twee.

Alleen de 32 kaarten van 7 en hoger, inclusief de azen, worden gebruikt. De kaarten worden met de klok mee gedeeld, iedere speler ontvangt er 8, meestal wordt er 3-2-3 gedeeld of anders 4-4 (één voor één delen wordt als not-done beschouwd). Een complete wedstrijd bestaat uit 16 spellen (boompje) waarbij alle vier spelers vier keer delen.

Er zijn twee varianten: Amsterdams en Rotterdams.

  • Amsterdams gaat er vanuit, dat men van de plicht tot in/overtroeven wordt ontslagen als de slag aan de maat ligt (zie verder onder troefplicht).
  • De Rotterdamse opvatting zegt dat men een maatslag moet introeven of overtroeven als men niet kan bekennen.

    Klassieke speelwijze
    Als traditioneel "gedraaid" wordt, wordt bij aanvang van ieder spel een troefkleur bepaald, meestal door een kaart van de niet gebruikte stapel (de zogenaamde "draaikaarten", de niet gebruikte kaarten 2 tot en met 6) om te draaien. Tijdens het eerste spel is de troefkleur altijd klaveren.
    Beginnend bij de speler links van de deler wordt er gezegd of er wordt gespeeld of gepast. Deze bieding bestaat uit de mededeling "pas" of "speel". Als een speler "speelt" dan hoeft de volgende speler niets meer te zeggen. Als iemand speelt gaat hij er vanuit dat hij samen met zijn partner meer dan de helft van het aantal punten in dat spel zal behalen. De twee andere spelers zullen dit proberen te verhinderen.

    Wanneer er rondgepast wordt, dat wil zeggen alle vier spelers passen, zijn er meerdere mogelijkheden. De eerste is dat dan de volgende kaart wordt gedraaid en er op die kleur geboden wordt. Is deze kleur al geweest, wordt de volgende kaart gedraaid, tot eventueel de derde en de vierde kleur.

    Een andere mogelijkheid is, dat als op de eerste kleur wordt rondgepast, de gever dan wel diens voorhand verplicht speelt; hij of zij noemt een kleur en speelt daarop. Het gevolg daarvan is, dat die persoon een klein voordeeltje heeft; als hij op de gedraaide kleur kan spelen, maar een alternatieve tweede kleur heeft, die net zo goed of beter is, dan zal hij passen op de eerste kleur. Speelt iemand op de eerste kleur, dan zit hij goed tegen en maakt een goede kans de tegenspeler nat te spelen. Speelt niemand op die kleur, dan kan hij zijn tweede kleur troef maken. Hij loopt dus zo minder risico.

    Verplicht spelen
    Bij verplicht spelen kiest de voorhand van de gever een troefkleur en komt uit. Het is een simpel systeem met als voordeel, dat er meteen een kleur wordt gekozen, zonder dat andere spelers een bieding (pas) hoeven te doen. Dit kan soms discussies aan tafel voorkomen, bijvoorbeeld over een speler, die na lang twijfelen op een kleur past en zijn maat op die kleur speelt. Als achteraf blijkt, dat hij normaal gesproken zonder aarzelen zou hebben gepast, maar speelde op zijn kale boer, omdat hij kon bevroeden, dat de maat iets moest hebben, dan zijn de rapen gaar.